Alle perspectieven zijn ‘waar’ en waardevol: omarm een integrale aanpak voor Covid-19

Steeds meer mensen lijken voorstander te zijn van een ‘bredere blik’ op de Corona pandemie die ons plaagt en ons voor pijnlijke dilemma’s plaatst die we onder tijdsdruk moeten oplossen. Vanaf het eerste begin van de Corona pandemie zijn er maatregelen genomen vanuit een medisch-virologisch onderbouwd perspectief, mede omdat het raadgevende Outbreak Management Team (OMT) vooral bestaat uit medici, epidemiologen en IC-artsen. Op het eerste gezicht lijkt dat logisch, omdat de meest zichtbare effecten van de crisis zich het eerst voordeden in ziekenhuizen en vooral op de IC-units. Vooral de beelden uit Italië – toch al weer dichterbij dan China in fysieke en culturele zin – hebben veel impact gehad.

Langzaam maar zeker wordt het duidelijk dat de IC-capaciteit in Nederland niet overschreden zal worden, dus dat geeft hoop. Tegelijk voelen steeds meer mensen dat de maatregelen die hiervoor nodig waren volgens het OMT – een ‘smart’ lockdown – diepgaande sociaaleconomische gevolgen hebben die we ons nog nauwelijks kunnen voorstellen. De kans is groot dat de aanstaande wereldwijde maatschappelijke consequenties van de lockdowns de sterfgevallen van de pandemie uiteindelijk zullen overschaduwen. Dat het middel erger kan zijn dan de kwaal, wordt in sommige landen nu al zichtbaar. In India – waar 1,3 miljard mensen wonen is de lockdown drie weken van kracht: er zijn rond de 15.000 besmettingen en ongeveer 1000 sterfgevallen gemeld (ongeveer 0,00007 % van de bevolking). Sommigen zullen zeggen dat er zonder lockdown veel meer slachtoffers zouden vallen maar dat weten we niet zeker, terwijl wel duidelijk is dat door de maatregel nu al miljoenen mensen aan honger en armoede lijden.

Ook in Nederland gaan steeds meer stemmen op dat de maatregelen disproportioneel zijn geweest. Het kabinet en ook het OMT benadrukken keer op keer dat er veel onzekerheden spelen rondom dit nieuwe virus en dat het verstandig is ‘het zekere voor het onzekere’ te nemen. Vanuit een antropologisch perspectief valt onmiddellijk op dat het Coronavirus en onze reactie daarop op zoveel verschillende facetten van de maatschappij impact heeft. Niet alleen op de gezondheidszorg, maar ook op het onderwijs, op de horeca, op de economie, op onze psyche en ga zo maar door. De verhalen over Corona van een onderwijskundige, een restauranteigenaar, een zzp’er of een bankier verschillen van het verhaal van een IC-arts. In de antropologische taal kan je stellen dat de Coronacrisis niet alleen veel onzekerheid oproept maar vooral ook een ambigu probleem is. Er zijn veel verschillende verhalen over te vertellen, die allemaal ‘waar zijn’ vanuit het perspectief van de verteller.

De slimste oplossing komt in dit soort gevallen vaak voort uit een ‘onderhandeling van betekenis’: het luisteren naar elkaars verhaal om een gezamenlijk verhaal te kunnen vormen waarin ieder zich ieder geval grotendeels kan vinden. Meten en onderzoeken in het geval van ambiguïteit biedt geen oplossing omdat datgene wat berekend wordt vooral belangrijk is binnen het eigen perspectief. Virologen proberen het reproductiegetal te berekenen, het UWV onderzoekt hoeveel nieuwe werkelozen zich hebben gemeld en het DUO houdt bij hoeveel meer extra leningen er door studenten worden afgesloten om hun huur te kunnen betalen. Al deze data en informatie kunnen nuttig zijn, maar dan vooral wanneer de verschillende expertises niet langs elkaar heen praten maar allemaal hun waarde krijgen in een breder, gezamenlijk en samenhangend verhaal. Dat kan vorm krijgen door een onderhandeling van betekenis tussen perspectieven: door die in balans met elkaar te brengen, kunnen integrale indicatoren bepaald worden die staan voor een overkoepelend doel dat verder reikt dan ‘het inperken van de pandemie’.

Van een dergelijke ‘brede onderhandeling van betekenis’ is tijdens de Coronacrisis tot nu toe nog geen sprake. Tijdens de meeste besluitvormingsprocessen ontstaat vaak snel de neiging om de diversiteit aan perspectieven sterk te versmallen. Als er al twee ‘kampen’ aan te wijzen zijn, is er aan de ene kant het zeer dominante medisch-virologische perspectief met het credo ‘hou de smart-lockdown vol, breng de piek naar beneden en kijk stap voor stap hoe de IC-capaciteit reageert op een versoepeling van de maatregelen’. Aan de andere kant staat eigenlijk de gehele rest van de maatschappij die om veel verschillende redenen twijfelt over de wenselijkheid van de voortzetting van de lockdown maatregelen. Vrijwel alle andere perspectieven uit het hele sociaaleconomische veld, van de bestuurskunde tot aan de econometrie, vormen een schril achtergrondkoor. Die groep schuift af en toe aan bij opinieprogramma’s en publiceert met regelmaat een relativerend opinieartikel, maar blijft wel gevangen door het dominante geluid. De premier heeft letterlijk aangegeven dat het advies van het OMT ‘heilig’ is: economen, onderwijskundigen en bestuurskundigen mogen best meepraten, maar uiteindelijk gaat het om de inmiddels bekende statistieken van besmetting, ziekenhuisopname en sterfte.

De dominantie van het ‘IC-bedden’ perspectief was in het begin van de crisis zeker begrijpelijk, al waren er al heel snel niet IC-gerelateerde medici zoals cardiologen die aangaven dat hun patiënten op verontrustende wijze plotseling van de radar verdwenen. De dominantie is steeds problematischer geworden vanaf het moment dat de heftige semi-lockdown maatregelen zijn ingesteld, waardoor de crisis van een gezondheidsprobleem steeds meer veranderd in een alomvattend sociaaleconomisch probleem. Denken vanuit ambiguïteit is nu nodig, want kijken vanuit meervoudige perspectieven helpt goed om een tunnelvisie te voorkomen of de blik weer te verbreden. Verkeerde aannames of doorgeslagen redeneringen vanuit het ene perspectief worden dan door de andere perspectieven in bedwang gehouden.

Neem bijvoorbeeld economische experts, van macro-economen tot kenners van de detailhandel. Deze groep zal niet ontkennen dat het verschrikkelijk is dat er mensen sterven aan Corona, maar ze zullen wel benadrukken dat de economie zelf ook in gevaar is en als het ware op de IC ligt. En dan niet door het virus maar vooral door de maatregelen die tot nu toe vanwege het virus zijn genomen. Hulppakketten van 80 miljard alleen al in Nederland en twee triljoen in de Verenigde Staten, een negatieve olieprijs. Het zijn zulke enorme gebeurtenissen dat economen gewoon nog niet goed in staat zijn om de betekenis daarvan goed te verwoorden. Maar dat de gevolgen groot zullen zijn en niet heel rooskleurig, daar zijn weinig twijfels over.

Indirect levert dit economische verhaal ook veel sociale problemen op, bijvoorbeeld omdat veel mensen hun baan (of perspectief op een baan) verliezen. Veel (kleine of grote) bedrijven gaan failliet. Dit levert veel stress op en allerlei ketens van problemen zullen gaan ontstaan: belastingschulden, huurschulden en eventuele huisuitzetting, psychische last, frustratie en agressie. En indirect dus ook weer gezondheidsklachten. Het is niet houdbaar dat de Nederlandse staat dit allemaal kan opvangen en zover dat wel kan moet daar uiteindelijk ook de rekening voor worden betaald. Het is heel solidair dat ouderen en kwetsbaren de beste zorg mogelijk krijgen, maar realiseren de jongere generaties zich wel echt wat de prijs zal zijn die ze daarvoor moeten betalen? Er is dus echt een stevig economisch verhaal waarmee het IC-verhaal zou moeten onderhandelen. Als dit verhaal vanaf het begin zou zijn meegenomen, zou de kans in ieder geval hebben bestaan om vanaf het begin voor mildere maatregelen à la Zweden te kiezen.

Ook sociologen en filosofen zouden vanuit hun expertise een verhaal kunnen vertellen dat kan helpen om een betere en meer realistische besluiten te nemen. Is het überhaupt wel mogelijk om een anderhalve meter samenleving in te richten, en zouden we dat moeten willen? Wat doet dat met onze solidariteit? En vanuit een filosofische blik kun je je afvragen hoe mensen op verschillende manier tegen de waarde van het leven aankijken. Sluiten de lockdown maatregelen bijvoorbeeld wel aan bij de wensen van ouderen in een verzorgingstehuis, die misschien meer lijden onder de eenzaamheid dan onder de dreiging van het virus. Als deze perspectieven vanaf het begin ook gehoord waren door de regering, dan was het woord anderhalve meter maatschappij wellicht nooit een eigen leven gaan leiden.

Het onderwijskundige perspectief is ook waardevol, vooral met het oog op de ontwikkelingskansen van onze kinderen – om de kenniskracht van onze toekomstige maatschappij intact te houden. Hoe goed werkt thuisonderwijs en in welke mate werkt het sluiten van scholen ongelijkheid van ontwikkeling in de hand? In hoeverre is een school ook een opvangplek voor kinderen wiens thuissituatie problematisch is? Het Kabinet en ook het RIVM leken vlak voor de ‘smart lockdown’ ook overtuigd van het belang van het open houden van scholen, maar de wil van de bevolking – die al enkele weken vooral vanuit het angstwekkende medisch-virologische perspectief had leren kijken – heeft ze toch tot sluiting doen besluiten. Behalve een ontwikkelingsachterstand bij kinderen levert dit ook veel productieverlies op van thuiswerkende ouders en ook veel verveling, irritatie en frustratie binnen gezinnen.

Ook geschiedkundigen zouden een bijdrage kunnen hebben, bijvoorbeeld bij het onderzoeken van de vraag op of er ooit eerder momenten zijn geweest dat zo massaal is gekozen voor een (semi)lockdown, en dan niet van een wijk of een dorp maar van hele steden, landen en zelfs continenten, en dat vrijwel tegelijkertijd. Vermoedelijk luidt het antwoord ‘nooit’: een lockdown is een instrument waar epidemiologen zich theoretisch iets bij voor kunnen stellen, maar zij plaatsen dat instrument niet in de historische context. Dan hadden ze waarschijnlijk langer hebben stilgestaan bij de vraag waarom dat nooit eerder is gebeurd, en of het wel een goed idee is om het instrument ‘lockdown’ zo massaal in te zetten.

Nog veel dichter bij het medisch-virologisch perspectief zijn er verhalen die al veel eerder gehoord zouden moeten zijn, van (huis)artsen die niet direct bij de Coronazorg betrokken zijn. Alleen al in Nederland hebben ongeveer 360.000 mensen zichzelf de medische zorg ontzegd die ze eigenlijk nodig hadden, uit angst voor Corona. Hierdoor zijn slachtoffers gevallen en door het uitstellen van diagnoses zal dit oplopen. Er is een enorme wachtlijst aan zorg die pas op gang komt als de maatregelen versoepeld worden en die groter wordt zolang het dominante IC-capaciteit-verhaal leidend blijft.

Vergissingen en verkeerde inschattingen maken is menselijk, ook voor virologen en epidemiologen. Dat werd ook zichtbaar tijdens de uitbraak van de Mexicaanse Griep, die veel milder bleek te zijn dan men had ingeschat. Een aantal miljoen aan teveel gekochte vaccins was toen een acceptabele schade, en in principe was de uitspraak ‘het zekere voor het onzekere nemen’ daar op zijn plaats. Het ging dan ook om een vergissing die ontstond door onzekerheid en te weinig kennis over het virus. Maar nu is het vooral de ambiguïteit, de veelvormige betekenis van Corona, die ons in de problemen brengt omdat het OMT - en ook het Kabinet – deze ambiguïteit niet omarmen. En de prijs van deze eenzijdige en nauwe visie is niet een paar miljoen teveel gekochte vaccins maar een totale sociaaleconomische ontwrichting voor meerdere jaren.

De politieke pijn wordt alleen maar groter, mocht er toch sprake zijn geweest van een overdreven reactie op het Covid-19 virus. Het is duidelijk dat Corona geen ‘griepje’ is, maar de pandemie lijkt ook niet in de buurt te gaan komen van tragedies zoals de Spaanse Griep. Een Griep Plus, bij wijze van spreken, zo zou Corona de geschiedenisboeken in kunnen gaan. Dit is niet onmogelijk, want als er zoveel onzekerheden zijn is er bijna niets onmogelijk. Het sterftecijfer lijkt steeds meer naar de gewone griep te bewegen, ook omdat blijkt dat al veel meer mensen al Corona hebben gehad en dat eigenlijk niet door hebben gehad. Het lijkt erop dat in veel landen die een lockdown hebben ingesteld, de besmettingscurve al voor de lockdown aan het dalen was. Het is niet ondenkbaar dat de lockdown maatregel niet veel effect hebben gehad, ook omdat de ontwikkeling van de uitbraak niet heel veel verschilt tussen Zweden (weinig maatregelen), Nederland (medium maatregelen) en landen als Frankrijk, Spanje en Italië (harde maatregelen). In theorie kan het zelfs mogelijk zijn dat een heftige lockdown de gevolgen van de epidemie verergert, maar dat is iets waar mensen liever nog niet bij stilstaan. We weten het ook nog niet, maar we zullen er gaandeweg wel achter komen en de kans dat we moeten constateren dat er sprake is geweest van ‘overschatting’ is groot. Vooral als we straks met terugwerkende kracht kijken vanuit een wereld die kampt met zware sociaaleconomische gevolgen, veroorzaakt door een domino van lockdowns.

Het dringt nog niet tot iedereen door dat de triljoenen (!) dollars en euro’s die nu wereldwijd als hulppakket zijn uitgegeven, alleen maar gebruikt worden als ‘zuurstof voor de maatschappij op de IC’. Van dat geld wordt niets geïnvesteerd om bijvoorbeeld een grote slag te slaan op het gebied van klimaatneutraliteit, duurzaamheid en zelfs niet voor investeringen in vaccinontwikkeling. Het geld wordt alleen gebruikt om het economische systeem in stand te houden dat zich zonder maatregelen uit zichzelf in stand gehouden zou hebben. Daarbij komt dat men sommige thema’s nauwelijks nog durft te noemen, het voortbestaan van de Euro of de hele EU, het gevaar voor de banken en hyperinflatie.

Er staat ons dus nog een grote post-Corona crisis te wachten, maar we kunnen de komende sociaaleconomische gevolgen nog beperken. Ook al zitten we nu in een lockdown situatie, we kunnen de diverse perspectieven nog steeds meenemen om de ambigue Coronacrisis slim en vanuit meerdere invalshoeken aan te pakken. Integrale oplossingen ontstaan door de ambiguïteit te onderkennen en te omarmen: bijvoorbeeld vanuit het perspectief ‘ouderenzorg’: er bestaan verhalen die enerzijds gaan over het beschermen van ouderen tegen het gevaarlijke Coronavirus en anderzijds verhalen waarin experts en familieleden ouderen willen beschermen tegen het eveneens gevaarlijke eenzaamheidsvirus en de wens om liever waardig te mogen sterven in nabijheid van hun familie. Al die verhalen zijn ‘waar’ en waardevol. De oplossing zit meer in de ruimte binnen verpleeghuizen om te zoeken naar de grijstinten; maar dat kan pas als deze verhalen ook naast elkaar mogen bestaan. Als het kabinet een integraler perspectief omarmt vanuit het gemeenschappelijke doel om zowel de sociaaleconomische welvaart als welzijn van Nederland als geheel te beschermen dan kunnen experts vanuit die diverse perspectieven ook meer de grijstinten gaan opzoeken en verkennen. Dit zal zeer waarschijnlijk leiden tot een snelle en op maat gesneden versoepeling van de maatregelen en het zorgt tegelijk voor meer draagvlak vanuit de belangrijkste maatschappelijke velden die door de crisis geraakt worden.

Dr. Sander Merkus, adviseur TwynstraGudde &Maaike Broos, Corporate Antropoloog en filmmaker

< Terug naar columns